“We moeten meer uit ons kot komen om mensen te helpen”

José Vanderbruggen (74) uit Zottegem is vrijwilliger bij Hop-in, de vrijwilligersorganisatie van LM Oost-Vlaanderen. Hij was een van de eerste vrijwilligers voor Hop-in. “Ik probeer een luisterend oor te zijn voor de mensen die ik vervoer.”

Van bij de oprichting van Hop-in in 2017 was José Vanderbruggen al vrijwilliger. “Ik heb lang gewerkt als boekhouder voor een bedrijf in Brussel. Ik nam steeds de auto om mij te verplaatsen, waardoor ik veel rijervaring had. Ik ging met pensioen en ik was bang om in een zwart gat te vallen. Zo heb ik contact opgenomen met LM Oost-Vlaanderen. Zij hebben mij doorverwezen naar het toen pas gestarte Hop-in en zo ben ik vrijwilliger geworden.”

De eerste rit

José herinnert zich zijn eerste opdracht voor Hop-in nog goed. Hij moest iemand vervoeren die net uit het ziekenhuis kwam. “Die persoon was zwaar gekwetst door een auto-ongeluk en had iemand nodig om hem naar zijn werk te brengen. Ik weet nog dat ik zenuwachtig was. Bij het eerste contact probeerde ik om het ijs te breken door te praten over allerlei onderwerpen. Dat doe ik nog steeds, zodat de personen zich comfortabel voelen.”

Vertrouwen

“Ik vervoer soms mensen die radiotherapie nodig hebben tegen kanker. Soms moeten die mensen 35 keer naar het ziekenhuis voor een bestraling. Na een tijdje krijg je een band met die mensen en bouw je vertrouwen op. Ik probeer vooral te luisteren en de mensen moed in te spreken. Soms storten ze hun hart eens uit. Dat hoort bij het vrijwilligerswerk. Eens die mensen geen bestralingen meer nodig hebben, verwatert het contact. Dat vind ik jammer, want ik wil graag weten hoe het gaat met hen.”

Toekomst

José haalt veel voldoening uit het vrijwilligerswerk. “Ik doe het heel graag, want je krijgt veel erkenning voor je inzet. Af en toe krijg ik een cadeautje (lacht). Als José een tijdje geen opdrachten heeft, komt de angst voor het zwarte gat terug. “Dat houdt mij nog altijd bezig. Ik wil echt niet in een zwart gat vallen. Je probeert jezelf op alle mogelijk manieren bezig te houden. Maar ik heb sociaal contact nodig.”

“Tot nu toe lukt alles nog. Ik ben onlangs 74 geworden. Ik denk dat ik het nog drie jaar ga doen, maar mijn gezondheid moet het toelaten. Alleen vind ik het verkeer druk. Jongere mensen hebben tegenwoordig weinig geduld en zijn heel erg opgejaagd in het verkeer. Ik begrijp dat ergens wel, want jonge mensen staan onder enorme druk, maar ik vind het niet aangenaam.”

Ten slotte wil José nog een goeie raad meegeven. “We moeten meer uit ons kot komen om mensen te helpen.”